In de zoektocht naar hoe je dan wel een ongerust dier benadert waar je op wilt weggalopperen, merkte ik dat ik toch houvast zocht in een methode. Bij mij was dat Natural Horsemanship als tegenhanger van wat ik bij maneges en wedstrijden zag. Het belangrijkste uitgangspunt daarbij is “pressure release”: Je oefent druk uit op je paard net zolang tot hij het goede antwoord geeft. Je wijst met je zweep op zijn achterhand om hem te doen wijken. Doet hij dat niet dan verhoog je de druk tot een tik(je) aan toe. Zodra hij wijkt haal je de druk er af. Deze Monty Roberts in de dop had het binnen no-time voor elkaar dat Potje alles deed wat ik hem vroeg. Wat me wel opviel is dat als ik aan kwam lopen, de paarden staan bij ons vrij in een paddock Paradise, dat hij dan de benen nam. Geheel volgens de NH methode zette ik er dan druk op door met veel misbaar achter hem aan te gaan. Zodra hij stopte met weglopen stopte ik met achter hem aan te zitten. En ook nu had ik binnen no-time mijn zin. Alleen had Potje het licht uitgedaan. Met lege blik stond hij daar: “Moet ik linksom dood? O niet, dan rechtsom? En moet ik dan ook nog een stap daarna doen?”, kortom ik zat op een dood paard. En niet uit luiheid. Uit pure stress vermagerde hij zienderogen. Ik dacht geheel volgens de methode, ik verlaag de druk door het lief te vragen. Ik trippelde als het ware om Potje heen en vroeg op de liefste manier of hij mijn zin wou doen. Nog steeds door er druk op te zetten, maar dan zachtjes. Het principe bleef hetzelfde “hoe manipuleer ik hem in mijn plaatje”. Wij leden er beiden onder. Ik moest mijn benadering veranderen. Naar weer een andere methode of zou ik mezelf, mijn houding moeten veranderen.
Toen ik als wielrenner nog mijn eigen paard was kwam alles voort uit wil om te presteren. Dat had me ver gebracht maar nu werkte het tegen me omdat dat niet een intentie is waarmee je een paard tevoorschijn laat komen. Het paard was mijn instrument waarmee ik kon laten zien “kijk mij eens”. Dat levert met het juiste paard overigens best mooie resultaten op maar niet bij Potje. Hij vertelde me dat hij pijn in z’n donder had en gestresst raakte als hij deed wat ik vroeg. Hij was niet mijn instrument maar ik werd het zijne: wat heeft hij van mij nodig om het paard tevoorschijn te laten komen dat met mij op zijn rug graag en vol overtuiging in balans weggaloppeert. Om dat instrument te willen zijn is een totaal andere intentie dan alleen presteren. Het vergt een idee van waaruit je het paard benadert. En dat is super concreet: Wat moet hij allemaal kunnen om een ruiter in balans te kunnen dragen? Wat kan hij nu? Welke stapjes moet hij dan zetten. Als ik dan nu pressure release toepas zit daar altijd de pauze tussen om te kunnen zien wat het paard doet met de druk en of hij zelf gaat zoeken naar wat de bedoeling is, in plaats van dat ik hem dat ga voorzeggen cq afdwingen. Klinkt goed zo op papier, maar man wat kost mij dat nog elke dag moeite om het paard echt te laten weten dat ik hem zie en op hem wacht. Het is niet de methode, ik ben de idioot. Maar ik leer!